Belangrijke wijzigingen in de richtlijn: 

  1. Het mondneusmasker en andere beschermingsmiddelen dient nu bij cliënten met (verdenking op) corona altijd gedragen te worden. Voorheen gold dit alleen voor als je níet de afstand van 1,5 meter kon bewaren.
  2. Preventief gebruik mondneusmasker in verpleeghuizen en wijk vanaf besmettingsgraad regio ‘zorgelijk’. Op dit moment is dit heel Nederland.

Bekijk Richtlijn Uitgangspunten PBM bij verzorging, verpleging of medische behandelingen buiten het ziekenhuis (3 nov. 2020) op website RIVM. Deze richtlijn vervangt nu twee eerdere richtlijnen: ‘PBM buiten het ziekenhuis’, en ‘Beleid PBM voor de wijkverpleging’. 

Bescherming bij (verdenking op) corona

De RIVM-richtlijn schrijft voor: De zorgmedewerker gebruikt persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) vanaf het moment dat hij/zij de kamer of ruimte waar de patiënt met (verdenking op) COVID-19 verblijft betreedt. PBM ter bescherming van de medewerker bij een patiënt met (mogelijk) COVID-19 bestaat uit:

  • een chirurgisch mondneusmasker type IIR;
  • oogbescherming (spatbril of face-shield);
  • schort met lange mouwen, spatwaterdicht;
  • wegwerphandschoenen.

Preventief mondkapje in verpleeghuizen en wijk

Over het preventief gebruik maken van het mondneusmasker schrijft de richtlijn voor: Bij een verhoogde incidentie van COVID-19 in een regio (vanaf inschalingsniveau ‘zorgelijk’) dienen zorgmedewerkers in een verpleeghuis preventief ten minste een chirurgisch mondneusmasker type II te dragen. Overige instellingen voor langdurige zorg maken de keuze voor het preventief dragen van een mondneusmaskers per woonunit, afdeling of locatie op basis van een risicoafweging. Het document Preventief gebruik mondneusmaskers langdurige zorg (Rijksoverheid.nl) beschrijft nader de factoren die van belang zijn bij deze risicoafweging. 

Ook in de wijkverpleging dienen medewerkers vanaf inschalingsniveau ‘zorgelijk’ preventief ten minste een chirurgisch mondneusmasker type II te gebruiken.

Professioneel inzicht

Ook in deze richtlijn staat dat zorgmedewerkers op basis van hun professionele inzichten en ervaring altijd beredeneerd kunnen afwijken van deze uitgangspunten. 

Wanneer (verdenking op) corona? 

In de richtlijn wordt deze definitie gebruikt van ‘verdenking op corona’: Er wordt gesproken van een verdenking als de patiënt klachten heeft die passen bij COVID-19 en/of in quarantaine verblijft op basis van een bron- en contactonderzoek of bij terugkeer uit een risicogebied/-land.  Eventueel kunnen bij cliënten die in quarantaine verblijven vanwege bron- en contactonderzoek of terugkeer uit een risicogebied/-land die geen klachten hebben oogbescherming en schort achterwege blijven.