Tegelijk wordt de uitvoering van het vrijwilligerswerk veeleisender: de takenpakketten worden omvangrijker, complexer en langduriger. Professionals komen in hun werk bovendien steeds meer in contact met vrijwilligers. Dit vraagt om een goede samenwerking tussen formele en informele zorg. 

WIFA-model

Het WIFA-model kan hierbij helpen. Voor goede samenwerking zijn heldere afspraken, informatie-uitwisseling en waardering voor elkaars werk essentieel. In het WIFA-model komen al deze aspecten aan bod. WIFA staat voor Waarderen, Informeren, Faciliteren en Afstemmen. Gebruik deze werkwoorden in je samenwerking als professional in zorg of welzijn. Bekijk de nieuwe WIFA-infographic met tips en tools. En welke vraagstukken je tegen kunt komen in de samenwerking.

Download de infographic (pdf)

Wat mogen vrijwilligers wel en niet doen?

Eén van de vraagstukken die je tegen kunt komen in de samenwerking is: Mogen vrijwilligers een cliënt helpen met slikproblemen?


Bekijk het antwoord

Ja, een vrijwilliger mag een client helpen met slikproblemen. De vrijwilliger werkt in opdracht van de zorgorganisatie en is dus gehouden aan de regels van de zorgorganisatie. De zorgorganisatie is formeel verantwoordelijk voor de werkzaamheden van de vrijwilliger. Dat betekent echter niet dat een vrijwilliger een cliënt met slikproblemen niet zou mogen helpen. Dat bepaalt de zorgorganisatie. Als de zorgorganisatie ervoor kiest dat vrijwilligers onder bepaalde omstandigheden voorbehouden handelingen mogen verrichten, is het van belang dat de vrijwilligers daarbij aan dezelfde eisen voldoen als medewerkers. Zo zijn er zorgorganisaties die cursussen ‘slikproblemen’ geven, ook voor vrijwilligers.

 

Als een vrijwilliger met goed gevolg een cursus ‘slikproblemen’ heeft afgerond, dan is er geen beletsel om zo’n vrijwilliger in te zetten. Beoordeel altijd of de vrijwilliger het goed doet, zeker in het begin. Het moet veilig en verantwoord zijn. Een vrijwilliger moet goed ingewerkt worden. Zeker waar het gaat om situaties met meer risico voor de cliënt. Dat is essentieel voor cliënten, maar ook voor vrijwilligers. Niemand zit te wachten op een situatie dat het mis gaat. Maar in de wet staat niet dat het niet mag.

 

Laat aan andere vrijwilligers weten dat het verrichten van voorbehouden handelingen niet voor elke vrijwilliger zonder meer is toegestaan. Je bekijkt eerst of de situatie zich daarvoor leent, of de cliënt ermee instemt en of de vrijwilliger over de benodigde vaardigheden beschikt of instructies moet krijgen. 

 

Als je signaleert dat de vrijwilliger een voorbehouden handeling niet volgens afspraak of niet goed uitvoert, dan is het belangrijk dat je actie onderneemt. Wat je precies doet hangt af van de situatie. Je bespreekt bijvoorbeeld met de vrijwilliger hoe het beter kan.