Daarnaast wordt zowel zorgpersoneel in de langdurige zorg als 60- tot 65-jarigen gevaccineerd met het AstraZeneca-vaccin. Ook bewoners van kleinschalige woonvormen worden sneller gevaccineerd. 

Advies Gezondheidsraad

Minister De Jonge van Volksgezondheid volgt met zijn keuze voor zorgpersoneel én 60-65-jarigen ten dele het advies van de Gezondheidsraad op. Die zei dat het kabinet het AstraZeneca-vaccin moest inzetten voor 60- tot 65-jarigen. De Jonge noemt het een te groot risico om personeel in de wijkverpleging, gehandicaptenzorg en verpleeghuiszorg te laten wachten op een inenting. Door ziekteverzuim lukt het nu al bijna niet om de roosters rond te krijgen.

Bewoners kleinschalige woonvormen

Ook kwetsbare ouderen in kleinschalige woonvormen worden sneller gevaccineerd. Naast het Moderna-vaccin, wordt ook het BioNTech/Pfizer-vaccin voor deze groep ingezet. Het gaat om een groep van in totaal 77.000 mensen in kleinschalige woonvormen, die zorg ontvangen op basis van de Wet langdurige zorg (Wlz). Zij worden gevaccineerd door mobiele teams die vanuit huisartsenposten worden ingezet. 

Volgorde vaccinatie aangepast

De aangepaste volgorde van vaccineren is 5 februari bekendgemaakt. Belangrijkste verschil is dat 18- tot 60-jarigen met een medische indicatie later aan de beurt komen. Deze groep (zo’n 1,8 miljoen mensen) komt niet in één keer aan de beurt. Er wordt voorrang gegeven aan de mensen met een hoog gezondheidsrisico. Verder is de tijdspanne voor de meeste groepen langer geworden.

De aangepaste volgorde per 5 februari is: 

  1. Medewerkers directe COVID zorg (40.000).
  2. Medewerkers verpleeghuizen en kleinschalige woonvormen (273.000).
  3. Bewoners verpleeghuizen en mensen met een verstandelijke beperking in een instelling (155.000). 
  4. Huisartsen en hun medewerkers (35.000)
  5. Mobiele thuiswonenden vanaf 60 jaar (van oud naar jong)
  6. Bewoners kleinschalige woonvormen en mensen met een verstandelijke bepering in een instelling (77.000) 
  7. Medewerkers gehandicaptenzorg (258.000)
  8. Medewerkers wijkverpleging en Wmo (204.000)
  9. Medewerkers GGZ en GGZ-crisisdiensten (25.000)
  10.  Intramurale GGZ-cliënten (60.000)
  11.  Niet mobiele thuiswonenden vanaf 60 jaar (van oud naar jong)
  12.  Mensen van 18-60 jaar met een medische indicatie (hoog risico)
  13.  Mensen van 18-60 jaar met een medische indicatie (overig) (groep 12 en 13 samen: 1.800.000)
  14.  Mensen van 18 – 60 jaar zonder medische indicatie, van oud naar jong (7.100.000)
  15.  Alle overige zorgmedewerkers

Bekijk de aangepaste flowchart van de Rijksoverheid (pdf, 5 feb 2021)

Volgorde van vaccinatie tegen coronavirus op Rijksoverheid.nl

Versnellen vaccinatie

Omdat er steeds meer nieuwe virusvarianten bijkomen, is het nodig om de meest kwetsbare groepen te beschermen. Het kabinet wil het vaccineren versnellen door de wachttijd tussen de 1e en 2e prik te verlengen, een kleinere voorraad aan te houden en het aantal GGD-priklocaties uit te breiden van 32 nu naar 100 in april.

Bekijk hier alle GGD-priklocaties

Vaccinatieprogramma tot op heden

Op 6 januari is gestart met het vaccineren van zorgverleners in de acute zorg, medewerkers van verpleeghuizen en kleinschalige woonvormen en huisartsen. Vanaf 18 januari waren bewoners van verpleeghuizen en kleinschalige instellingen aan de beurt, alsmede mensen met een verstandelijke beperking in een instelling en mobiele thuiswonende ouderen. Bij de ouderen is begonnen met 90-plussers. Vanaf 4 februari kregen thuiswonende 80-plussers een oproep voor vaccinatie.