Kinderen die een penitentiaire inrichting bezoeken kunnen de route naar een bezoekruimte vóór hun bezoek bekijken. De digitale hand-out met foto’s, Jouw routekaart, is gemaakt met en voor ervaringsdeskundige kinderen en een gedetineerde. ‘Onze wens: meer aandacht voor herstel, voor gedetineerden én hun naasten.’

Foto Pixabay

De Penitentiaire Inrichting Dordrecht en Expertisecentrum K I N D hebben Jouw routekaart samen ontworpen. Het hulpmiddel is te gebruiken voor alle kinderen die een PI bezoeken. Aan de hand van Myrthe, die haar vader komt bezoeken in de gevangenis, zien kinderen hoe het er daarbinnen uitziet. Ze zien de balie waarbij ze hun naam moeten zeggen, de kluisjes waar ze hun spulletjes bewaren, de gangen en de bezoekzaal. ‘Soms praat je met elkaar via een telefoon of via glas’, legt Jouw routekaart uit met tekst en foto’s.

Onderschatting problematiek

‘Die familie krijgt vast voldoende ondersteuning’ is vaak de aanname als iemand in detentie moet, zegt Winie Hanekamp van Expertisecentrum K I N D. ‘Maar onderschat wordt hoe gedesoriënteerd familieleden in die periode kunnen zijn. Veel mensen schamen zich, verzwijgen het onderwerp en hebben geen idee wat op dat moment het beste is voor hun kinderen.’ Hanekamp en haar collega’s van het expertisecentrum krijgen vaak telefoontjes over wat te doen bij detentie. Van bezorgde ouders, maar ook sociaal werkers hebben veel vragen, merkt Hanekamp.

‘Ouder blijft ouder, ook bij detentie’

Zo’n vraag is bijvoorbeeld: moet je een kind op bezoek laten gaan als zijn of haar moeder in detentie zit? Hanekamp: ‘Sommigen veronderstellen dat zo’n bezoek een negatief effect heeft op de ontwikkeling van het kind. Ze praten liever helemaal niet over de detentie. We moeten echter niet vergeten dat een ouder altijd ouder blijft. En voor een kind is het heel belangrijk dat ouders het kind begrijpen. Dat wordt moeilijk als je de band doorsnijdt. Zoals ik een kind hoorde klagen dat zijn vader toen hij tien jaar was nog steeds verjaardagskaarten van Bert en Ernie stuurde. Die vader begreep niet waar het kind in zijn geestelijke ontwikkeling zat.’

Bij 1 op de 3 detenties zijn kinderen aanwezig

Dus juist wel proberen het gesprek aan te gaan met een kind als zijn vader of moeder naar de gevangenis moet, benadrukt Hanekamp. Maar hoe doe je dat, met in het achterhoofd de enorme impact die bijvoorbeeld het binnenvallen van de politie kan hebben? ‘Bij 1 op de 3 detenties zijn kinderen aanwezig, blijkt uit onderzoek. Een kind waarvan de ouders gescheiden waren lag met zijn vader in bed toen de vader door politieagenten werd meegenomen. Dat is natuurlijk emotioneel heel zwaar. En de politie mag geen uitleg geven’, weet Hanekamp.

Routekaart met foto’s

Mede daarom is het gesprek over detentie op gang brengen zo ingewikkeld, zegt ook plaatsvervangend directeur van de Penitentiaire Inrichting Dordrecht Michael van Rijckevorsel. Hij is dan ook heel dankbaar voor het onlangs ontwikkelde handvat daarvoor. De digitale hand-out Jouw routekaart bevat foto’s die de route tonen van de ingang van de PI naar de ruimte waar een vader, moeder of een ander familielid op de kinderen wacht. De foto’s zijn gemaakt door fotograaf Amy Verhoeven. Sofia en Annelyn, kinderen van een vader in detentie en een gedetineerde dachten mee over de opzet.

Detentie is taboe-onderwerp

Van Rijckevorsel: ‘Onze maatschappelijke verantwoordelijkheid is een geslaagde re-integratie. Dat kan niet zonder aandacht voor de band tussen ouder en kind. Een hele grote groep kinderen is niet in beeld. Omdat detentie nog zo’n taboe-onderwerp is. Jouw routekaart geeft kinderen duidelijke uitleg over hoe het er binnen onze muren uitziet.’

Donald Duck

Daardoor kunnen verkeerde verwachtingen en angsten van kinderen over detentie worden weggenomen, zegt Hanekamp. ‘Als je de gangen niet eerder hebt gezien, kan dat heel beangstigend zijn, zeker voor een kind. Want je ziet natuurlijk geen mogelijkheid om weg te gaan. Met de duidelijke foto’s van de gangen kunnen ze zich voorbereiden. Hoe kinderen een gevangenis zien is vaak gekleurd door bijvoorbeeld de Donald Duck: allemaal streepjesuniformen. Dankzij de uitleg van Sofia, Annelyn en de gedetineerde vader kunnen we dat beeld realistischer maken.’

Heel confronterend

Maar de hand-out is niet puur een voorlichtingsdocument, maar een hulpmiddel om het gesprek aan te gaan, benadrukt Van Rijckevorsel. Dat een kind zijn tekening moet inleveren en dus niet zelf mag geven aan papa en mama kan heel confronterend zijn. Dit zijn volgens hem allemaal zaken die je dus beter vooraf kunt bespreken.

Onvoldoende aandacht

En het gesprek over detentie zou met de hele samenleving veel vaker gevoerd moeten worden, vindt Van Rijckevorsel. ‘We kunnen niet verwachten dat als een vader na detentie terugkeert in het gezin dit automatisch goed gaat. Zoals we er ook niet vanuit mogen gaan dat alles hetzelfde is als een ex-gedetineerde terugkomt in zijn voetbalelftal. Toch blijken wij niet de enige met muren. Er is nog onvoldoende aandacht in zorg en welzijn voor herstelgericht werken bij detentie.’

Scope verbreden

Volgens de wet valt het belang van de gedetineerde onder de staat, en dat van het kind onder de gemeente. Maar in de praktijk moeten hulpverleners niet uitgaan van een strikte scheiding, vinden Hanekamp en Van Rijckevorsel. ‘We moeten juist gezamenlijk onze scope verbreden. Veel meer vragend handelen, en er ook niet zomaar van uitgaan dat wij wel het goede voor het kind kunnen inschatten.’

Pionieren

Het is mede daarom dat de PI Dordrecht ook inzet op verbetering van herstelgericht werken en preventie van recidive. Van Rijckevorsel: ‘Wij zijn ook maar aan het pionieren. Maar we zien wel het belang van preventie en vraaggericht handelen bij detentie. Ook in de opleidingen en in het onderwijs zou daar veel meer in moeten worden geïnvesteerd. Wij doen onze uiterste best om problemen voor de gedetineerde én zijn omgeving én de samenleving te voorkomen, maar daar hebben we andere professionals wel heel hard bij nodig.’

Bruggen slaan

Hulpverleners moeten bruggen slaan voor het welzijn van kinderen en hun ouders bij detentie, benadrukt Hanekamp. ‘Verantwoordelijkheden zijn bij detentie nu zodanig ingekaderd dat leemtes ontstaan voor kinderen van gedetineerden en andere familieleden die achterblijven. Een sociaal werker hoeft niet zelf gespecialiseerd te zijn in ingewikkelde vraagstukken rondom de hulp aan een gedetineerde. Maar besef je wel dat die vraagstukken er zijn, en weet waar je verdiepende kennis kunt vinden.’ Het Expertisecentrum K I N D is elke werkdag tussen 9.00 en 17.00 uur telefonisch bereikbaar, ook voor sociaal werkers, op 0800-KIND000/ 0800-5463000.

Jouw Routekaart downloaden kan op de website van het Expertisecentrum K I N D Daar vind je ook een flyer, en een Engelse versie.