Een nieuwe handreiking beschrijft hoe ziekenhuizen en revalidatiecentra de Wet zorg en dwang moeten toepassen. Zo moet de behandelend arts bij opname van een patiënt met dementie bekijken of er afspraken zijn gemaakt over onvrijwillige zorg.

Verpleegkundigen helpen een verwarde patiënt. Foto: Arno Massee

De Handreiking ‘Wet zorg en dwang in ziekenhuizen en revalidatiecentra’ beschrijft hoe deze zorginstellingen de Wet zorg en dwang (Wzd) moeten toepassen.

Sleutelfiguren in beeld

Zijn afspraken gemaakt over onvrijwillige zorg bij een patiënt met dementie of andere patiënten die onder de Wzd vallen, zoals mensen met een verstandelijke beperking? Dan moet het ziekenhuis weten wie de zorgverantwoordelijke, Wzd-functionaris, vertegenwoordiger van de cliënt en cliëntvertrouwenspersoon zijn. Van al deze mensen zijn naam en contactgegevens nodig.

Ook moet het ziekenhuis kunnen inschatten hoe onvrijwillige zorg in het ziekenhuis eventueel moet worden toegepast. Daar hoort bij kunnen beoordelen of voor onvrijwillige zorg nog instemming nodig is van bijvoorbeeld een andere arts of naaste.

Is onvrijwillige zorg echt nodig?

Vervolgens moet de verantwoordelijk arts (in de handreiking regiebehandelaar genoemd) 6 vragen beantwoorden om vast te stellen of eerder afgesproken onvrijwillige zorg ook in het ziekenhuis nodig is:

  1. Doet het in het Wzd-zorgplan omschreven ernstige nadeel zich daadwerkelijk voor tijdens de opname in het ziekenhuis? Ernstig nadeel kan bijvoorbeeld zijn lichamelijk letsel, psychische of financiële schade, verwaarlozing en bedreigende situaties voor anderen.
  2. Is de in het Wzd-zorgplan opgenomen onvrijwillige zorg noodzakelijk om het ernstige nadeel te voorkomen of af te wenden?
  3. Is de onvrijwillige zorg geschikt om het ernstige nadeel te voorkomen of af te wenden en is het gelet op het doel evenredig?
  4. Zijn er geen minder ingrijpende mogelijkheden om het ernstige nadeel te voorkomen of af te wenden?
  5. Is op verantwoorde wijze voorzien in toezicht tijdens de toepassing van de onvrijwillige zorg?
  6. Kan de zorg op verantwoorde wijze in het ziekenhuis worden toegepast?

Of onvrijwillige zorg in het ziekenhuis verantwoord is, beoordeelt de arts aan de hand van criteria als:

  • Proportionaliteit: of de onvrijwillige zorg in verhouding staat met de aanleiding.
  • Subsidariteit: of de onvrijwillige zorg de minst ingrijpende keuze is.
  • Doelmatigheid: of de onvrijwillige zorg het meest geschikt is om het gestelde doel te bereiken.

Kan patiënt zelf bepalen?

De arts moet ook beoordelen of de patiënt zelf in staat is te bepalen of hij instemt met zorg. Voor hulp bij het maken van deze afwegingen verwijst de nieuwe Wzd-handreiking naar de handreiking ‘Vrijheidsbeperking in het ziekenhuis? Nee, tenzij…’.

Staat in het zorgplan niets over onvrijwillige zorg, dan is onvrijwillige zorg in het ziekenhuis soms toch mogelijk. Dan moet de arts niet de Wzd maar de Wgbo volgen. Deze wet bepaalt dat geneeskundige handelingen verrichten waartegen de patiënt zich verzet alleen mogelijk is als:

  • De patiënt wilsonbekwaam is
  • Het gaat om een handeling van ingrijpende aard zoals een operatie
  • De behandeling noodzakelijk is om ernstig nadeel voor de patiënt te voorkomen

Verantwoording handreiking

De handreiking Wet zorg en dwang in ziekenhuizen en revalidatiecentra is mede ontwikkeld door V&VN, Vilans en brancheorganisaties NVZ en NFU, in opdracht van VWS.