Dat aandacht voor zingeving belangrijk is begrijpen verpleegkundigen, maar ze voelen zich vaak niet bekwaam genoeg om die aandacht zelf te geven. Promovenda en oud-verpleegkundige Susan Hupkens publiceert een methodiek voor educatie aan thuiszorgmedewerkers.

‘Als een cliënt over een dierbare vertelt kan dat allerlei verschillende betekenissen hebben. Heb aandacht voor zingevingsvragen.’ Foto Pixabay

In het werkboek van de methode ‘Betekenisvol Leven in de buurt’ staan diverse voorbeelden voor meer zingeving in de zorg. Hieronder beschrijven we er 3.

1 Binnenkomen

De meeste cliënten verwachten niet dat zorgverleners tijd hebben om aan te sluiten bij zingeving, en vinden zingeving vooral iets voor zichzelf. Maar als je bij de zorg wel aandacht hebt voor zingeving kun je cliënten ‘kwaliteitsmomenten geven’, concludeert Hupkens in haar onderzoek. Een cliënt vertelt wat dit voor hem betekent: bij een hypoglykemie wist de verpleegkundige meteen wat ze moest doen, en deze verpleegkundige en haar collega’s vragen ook regelmatig of ze méér voor hem kunnen doen. ‘Ze zien blijkbaar dat ik dat zelf niet meer kan.’

Hoe je binnenkomt maakt al een groot verschil voor cliënten, hoorde Hupkens van de 24 ouderen die ze interviewde. ‘Ze voelden meteen of er ruimte was voor zingeving of niet en pasten hun eigen gedrag hierop aan.’ Ook even oppervlakkig interesse tonen wordt gewaardeerd. Alleen maar focussen op een technische handeling kan juist ‘denigrerend’ aanvoelen.

2 Wensen ouder worden verkennen

Vragen over de zin van het leven stellen mensen zich vaker naarmate ze ouder worden. Je kunt vragen hoe een cliënt vroeger over ouder worden dacht, en wat dit nu voor hem/haar betekent.

Bij een oefening die Hupkens aanreikt reflecteer je op een gedicht over ouder worden van Judith Herzberg. In het gedicht is een meisje aan het woord:

‘Als ik oud word neem ik blonde krullen
ik neem geen spataders, geen onderkin,
en als ik rimpels krijg omdat ik vijftig ben
dan neem ik vrolijke, niet van die lange om
mijn mond alleen wat kraaiepootjes om mijn ogen.’

Hupkens: ‘Het meisje droomt en heeft wensen voor haar toekomst. Zijn die dromen reëel? Waarom wel/niet? Zijn ze herkenbaar? Hoe keken wij als kinderen naar de toekomst?’ De bedoeling van de oefening is je samen met een geestelijk verzorger beter bewust worden van mogelijke verschillen in zingeving tussen jou en een oudere cliënt.

3 Zingevende communicatie

Nog een tip is wat uitgebreider stilstaan bij uitspraken van cliënten. Een opmerking als ‘Ik lag vannacht veel aan mijn man te denken’ kan veel lagen bevatten. Mogelijk komt deze cliënt moeilijk in slaap, mogelijk heeft ze verdriet omdat ze haar man mist. Maar het kan ook zijn dat de herinnering aan een bijzonder moment met haar man deze mevrouw juist kracht heeft gegeven.

Aandachtig luisteren en doorvragen is uiteraard heel belangrijk. ‘Zoals bij salsa: meebewegen met de ander, mensen dansen zelf wel’, schrijft Hupkens.

Methodiek en werkboek

Voor thuiszorgmedewerkers is er een werkboek over 16 thema’s, met steeds een werkblad met vragen en oefeningen. Ook is er een methodiek voor geestelijk verzorgers om educatie te kunnen geven. Beide zijn gratis te downloaden. Ze zijn ontwikkeld door thuiszorgorganisatie Laurens en de Hogeschool Rotterdam.

Susan Hupkens promoveerde aan de Universiteit van Humanistiek. Ze deed literatuuronderzoek, interviewde 24 thuiszorgcliënten over zingeving en evalueerde de methodiek met thuiszorgmedewerkers en geestelijk verzorgers. Lees hier het rapport van haar onderzoek over zingeving door ouderen, goede thuiszorg en educatie van zorgmedewerkers.