De zelftesten die sinds kort beschikbaar zijn, worden mogelijk gekoppeld aan CoronaCheck, de app die de overheid ontwikkelde om negatieve testresultaten te delen. De Begeleidingscommissie Digitale Ondersteuning Bestrijding Covid-19 verwacht dat binnenkort de vraag komt of dat wenselijk is. En en zo ja, hoe die koppeling tussen negatieve zelftestuitslagen en CoronaCheck dan gemaakt moeten worden. Dat zegt epidemioloog Carl Moons van het UMC Utrecht en voorzitter van deze commissie. ‘Het is een grote beslissing om die koppeling te maken.’

© Albachiaraa / stock.adobe.com

‘Een absolute gamechanger’, dat is de coronacrisis gebleken voor de rol die de overheid speelt in digitale ondersteuning voor de gezondheidszorg. Dat zegt Carl Moons, epidemioloog bij het UMC Utrecht en voorzitter van de Begeleidingscommissie Digitale Ondersteuning Bestrijding Covid-19. Die commissie adviseert VWS gevraagd en ongevraagd over digitale hulpmiddelen tijdens deze pandemie. De commissie bestaat inmiddels 10 maanden en bracht daarin 18 formele adviezen uit. ‘En heel veel informele adviezen’, vult Moons aan. ‘De formele adviezen gaan via de minister, maar we hebben gemerkt dat het vaak effectiever is om betrokken instanties en personen rechtstreeks te spreken en te adviseren.’

Grootste verdienste

‘Onze grootste verdienste was meteen het eerste advies in juni 2020’, zegt Moons terugblikkend. ‘Daarin schreven we dat de app CoronaMelder met name nut heeft als je mensen die een melding via de app ontvangen zo snel mogelijk kunt laten testen. Dat was aanvankelijk nog niet mogelijk, maar dat is vervolgens snel veranderd.’

De ontwikkeling van de CoronaMelder is een leerzame ervaring waar de commissie en dus de overheid vervolgens veel aan heeft gehad, volgens Moons. ‘Vooral doordat je vooraf heel goed moet nadenken over privacy-issues. Het was de eerste keer dat de overheid zoiets deed en miljoenen mensen zouden de app gaan gebruiken. Ik ben epidemioloog en ga daarbij soms wellicht wat sneller door de bocht. Ik denk namelijk al snel dat veel middelen geoorloofd zijn om de verspreiding van een dergelijk dodelijk virus te stoppen. Daarom is het goed dat de commissie uit zo’n breed, multidisciplinair team bestaat, met onder meer privacy-experts, juristen, informatici, technici, ethici, sociologen en medici.’

Afhankelijk van techreuzen

‘De overheid en de app-ontwikkelaars moesten zich heel lang bewijzen’, vervolgt Moons. ‘We zijn een land van 17 miljoen bondscoaches en op dat moment hadden we ook 17 miljoen privacy-deskundigen’, vervolgt Moons. Wat weleens wordt vergeten is de vraag wat het alternatief was. Hoe goed was het geweest als Apple of Google een dergelijke app had gemaakt? Zelfs als de overheid het heft in eigen hand neemt, ben je alsnog afhankelijk van de techreuzen, geeft Moons aan. ‘Die afhankelijkheid is onwenselijk en we moeten ons altijd blijven afvragen in hoeverre we zonder hen kunnen.’

Gegeven de lange aanloop ziet de commissievoorzitter de ontwikkeling van de CoronaMelder app als een succes. ‘Juist nu zou de CoronaMelder extra aandacht moeten krijgen. Die kan nu haar waarde bewijzen en ons zelfs helpen uit de lockdown te komen en vooral ook te blijven. Dit hebben we ook aangegeven in ons meest recente advies.’

Vaccinatiebewijs

De les dat privacy by design een voorwaarde is, paste de commissie ook toe in de adviezen over latere initiatieven. Moons wijst op de CoronaCheck, de app waarmee mensen hun negatieve testuitslag kunnen omzetten in een QR-code. Die code kan gescand worden, zodat mensen bij de ingang van bijvoorbeeld een evenement kunnen aantonen dat ze negatief getest zijn. ‘Er is ook discussie over de wenselijkheid van een vaccinatiebewijs. Daarbij moeten we niet vergeten dat we nu, los van covid-19, ook al vaccinatiebewijzen hebben. Als je op reis gaat naar bepaalde landen, zijn soms vaccinaties verplicht. Die komen dan in een papieren vaccinatieboekje te staan. Misschien wordt een dergelijk boekje sowieso op termijn wel digitaal.’

Zelftesten koppelen aan CoronaCheck

Momenteel speelt ook de vraag of de uitslag van de zelftesten, die sinds kort beschikbaar zijn, een vergelijkbare optie moet krijgen. ‘Op veel plekken wordt momenteel onderzocht hoe accuraat de zelftest is. Je steekt een wattenstaafje bij jezelf waarschijnlijk minder diep in de neus en de vraag is wat dat doet met de betrouwbaarheid van de testuitslag. Langzaam komt de data daarover binnen, ik verwacht dat men daar snel meer over kan zeggen.’

Als instanties als de WHO, het OMT of het LCI concluderen dat zelftesten voldoende betrouwbaar zijn, ligt meteen de volgende vraag voor, ziet Moons. ‘Hoe gaan we ervoor zorgen dat positieve zelftestuitslagen in de systemen terechtkomen? En willen we dat negatieve zelftestuitslagen ook als digitale testbewijzen kunnen gaan dienen? In dat laatste geval wil je het liefst gebruikmaken van apps die al bestaan, bijvoorbeeld de CoronaCheck. Maar het is een grote beslissing om die koppeling te maken.’